Wie verwarmt met gas of stookolie, of nog met een benzine- of dieselwagen rijdt, zal vanaf 1 augustus 2026 meer betalen. De federale regering voert dan via de nieuwe Programmawet een energetische taxshift in. Elektriciteit wordt fiscaal goedkoper gemaakt, terwijl fossiele brandstoffen stapsgewijs zwaarder worden belast. Daarmee wil de overheid de overstap naar hernieuwbare energie versnellen.
Accijnzen voor elektriciteit dalen
Voor elektriciteit dalen de accijnzen voor particuliere verbruikers. Een gemiddeld gezin zou daardoor ongeveer 40 euro per jaar besparen op de stroomfactuur. Wie een warmtepomp heeft en elektrisch rijdt, kan volgens de berekeningen nog meer voordeel halen. In dat geval kan de besparing oplopen tot ongeveer 110 euro per jaar.
Accijnzen op aardgas en stookolie stijgen
Aan de andere kant stijgen de accijnzen op aardgas en stookolie vanaf augustus. Voor een gemiddeld gezin kan aardgas in het eerste jaar 40 tot 80 euro duurder worden, afhankelijk van het verbruik. Ook mazout wordt duurder, met een accijns die meteen stijgt naar 23 euro per 1.000 liter. Die verhogingen worden tot en met 2029 stapsgewijs verdergezet.
Taxshift laat zich ook voelen aan de pomp
Ook aan de pomp zullen bestuurders de taxshift voelen. Benzine en diesel worden door hogere accijnzen structureel duurder. De regering wil zo vermijden dat gezinnen in 2030 plots met een grote prijsschok worden geconfronteerd door Europese klimaatregels. De boodschap is duidelijk: wie minder afhankelijk wordt van fossiele brandstoffen, beschermt op termijn beter zijn portemonnee. (afbeelding: Magnific)